In de Krimpenerwaard wordt al tientallen jaren gesproken over de verbetering van de landbouwstructuur en over de aanleg van natuur. In 1999 is er uiteindelijk een plan (het zogenaamde Raamplan Landinrichting) gemaakt waarbij er 2450 ha natuur in de Krimpenerwaard zou worden gerealiseerd. In 2005 is het Veenweidepact ondertekend en is vervolgens het plan ingrijpend aangepast. Met name de plaats voor de nieuwe natuur (begrenzing) is toen verlegd (Streekplan Zuid-Holland Oost 2008). Het plan is uitgewerkt in het zgn. Integraal Inrichtingsplan. Door voortschrijdend inzicht en vanwege veranderd rijksbeleid zorgt het plan van het Veenweidepact niet meer voor de gewenste inrichting voor de Krimpenerwaard. Dat plan is dan ook nooit vastgesteld. De Provincie Zuid-Holland, vijf gemeenten en maatschappelijke organisaties hebben daarom besloten dat er een aangepast plan moest komen. Dat is het Veenweidenprogramma geworden. Dit programma verbindt natuur, water en kansen voor landbouw en recreatie met elkaar.

In de Gebiedsovereenkomst hebben de gemeente Krimpenerwaard, het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en de provincie Zuid-Holland afspraken gemaakt over de duurzame toekomst van de Krimpenerwaard. Deze afspraken gaan over de inrichting van het landelijk gebied en zijn bedoeld om het waardevolle agrarische cultuurlandschap en de daarbij behorende natuurwaarden te behouden en te ontwikkelen. Een belangrijke voorwaarde daarbij is zorgen voor een goede waterkwaliteit en effectief waterbeheer. Tegelijkertijd kijkt het waterschap hoe de de bodemdaling zoveel mogelijk beperkt kan worden. Ook willen partijen kansen die er liggen voor landbouw en recreatie benutten.

Ja. In de Krimpenerwaard wordt 2.250 hectare natuur ontwikkeld, maar daarbinnen kan ook sprake zijn van agrarisch of particulier natuurbeheer en beheer van weidevogelnatuur. In deze natuur vinden koeien en ander vee een plek. De overige gebieden in de Krimpenerwaard (bijna driekwart van de open polder) blijven net als nu in gebruik voor landbouw. Door de herinrichting en het ruilen van kavels verbeteren de omstandigheden voor de landbouw.

Op dit kaartje kunt u precies zien waar de aaneengesloten natuurgebieden in de Krimpenerwaard liggen.

Ja. Recreatiepartijen in de veenweidegebieden van Zuid-Holland werken samen aan een recreatieprogramma. Ieder jaar komen er weer nieuwe projecten in de Krimpenerwaard die zien, doen en beleven centraal stellen. Lees hier meer over op de pagina recreatie.

Een goede waterkwaliteit van het oppervlaktewater is belangrijk, zeker in de natuurgebieden. Daarom is sinds 2000 de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. Daarin zijn afspraken gemaakt die ervoor moeten zorgen dat uiterlijk in 2027 het water in alle Europese landen voldoende schoon (chemisch op orde) en gezond (ecologisch in evenwicht) is.

Al het water in de natuurgebieden van de Krimpenerwaard moet voldoen aan deze Europese richtlijn. Daarom werkt het hoogheemraadschap hieraan.

Meer informatie vindt u op de site van het waterschap.

Ook voor de landbouw is een stimuleringsprogramma in ontwikkeling. Dit programma omvat onder andere het stimuleren van innovatieve technieken op de bedrijven, onderzoek naar alternatieve verdienmodellen en teelten (bv cranberry's), blijvende aandacht voor kavelruilen en onderzoeken hoe de afstanden voor landbouwverkeer korter gemaakt kunnen worden.

De looptijd van het programma is tot en met 2021.

U zult merken dat in de natuurgebieden op sommige plaatsen werken worden uitgevoerd. Zo start het werk in de polders De Nesse en de Berkenwoudse Driehoek in de zomer van 2016. Dit betreft vooral graafwerk en het aanpassen van watergangen. Na de inrichting zullen delen van die gebieden geleidelijk iets natter worden, en zal in het landschap meer kleur komen omdat naast het gras ook meer kruiden en bloemen zullen groeien. Bovendien, want dat is één van de doelen, zal de weidevogelstand toenemen. De natuurgebieden zijn niet ineens voltooid. Sterker nog, net na de uitvoering van het werk kan het hier en daar wel wat ‘rauw’ aandoen. De natuur moet zichzelf geleidelijk ontwikkelen. Naar verwachting duurt deze overgangsfase na inrichting een jaar of zes.

Dat kan op verschillende manieren. De natuurplannen worden ontwikkeld in afzonderlijke deelgebieden. Daarvoor worden in eerste de betrokken grondeigenaren uitgenodigd deel te nemen aan het gesprek, maar worden op bepaalde momenten ook publieke bijeenkomsten georganiseerd, zoals voor het deelgebied Bilwijk in september 2016. Bovendien zullen de natuurambities door de gemeente worden vertaald in een bestemmingsplan en op dat plan kan ingesproken worden.

Met de uitvoering van het gehele natuurprogramma is meer dan 70 miljoen euro gemoeid. Voor het dragen van deze kosten zijn afspraken gemaakt met de provincie-Zuid-Holland. Die betaalt het grootste deel van de kosten. Het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard betaalt een belangrijk deel van de aanpassing aan het watersysteem en een deel komt uit een Europsese subsidie voor plattelandsontwikkeling.